vrijdag 6 oktober 2017

Flavours of the month

Post-rock, post-punk, new wave and synthpop rule this month's list. Thanks a lot, Dansende Beren & Kinky Star Radio for my daily and weekly doses of inspiration.

  1. Godspeed You! Black Emperor - Anthem For No State
  2. And So I Watch You From Afar - Dying Giants
  3. Fornet - Erase
  4. Amenra- Children Of the Eye
  5. Morrissey - Spent the Day In Bed
  6. Zool. - Hemp
  7. De Ambassade - Verloren
  8. Sons - Do They See Me
  9. Queens Of the Stone Age - The Evil Has Landed
  10. Godspeed You! Black Emperor - Undoing a Luciferian Towers
  11. Wora Wora Washington - We Sway
  12. Radiohead - Lift
  13. Grandbrothers - Long Forgotten Future
  14. Steven Wilson - Refuge
  15. II Dead Boys - Evangelised
  16. Fär - Epicaricacy
  17. The War On Drugs - Pain
  18. II Dead Boys - Haarpppp
  19. Depeche Mode - Cover Me
  20. Oscar & the Wolf - Runaway
  21. Forest Swords - Congregate
  22. Protomartyr - My Children
  23. Holy '57 - Bombay-Nairobi-London
  24. Brutus - Horde II
  25. Grizzly Bear - Losing All Sense
  26. Karl Blau - Poor the War Away
  27. Millionaire - Love Has Eyes
  28. Whispering Sons - White Noise
  29. Cold Cave - Glory
  30. Prophets Of Rage - Hail To the Chief

Bright Light, Little Fingers

De techniek van de verschroeide aarde,
de hele planeet uitgekleed, het gros tot gruis geblazen,
geen hoop op heil of Heiland
in dit voormalige paradijs, overbelast met beschaving.

Twee kleuters bekvechten
als kwetterende verkoolmeesjes:
een muisklik
een rode knop
twitterwachtwoord
nucleaire codes
tweet
tweet
klik
tweet
klik
klik
......
....
........
....
..

In het land van laatste dingen
vechten honden en slangen
over de manier waarop nederigheid
zich moet manifesteren,
alsof hier nog plaats kan zijn
voor levensbeschouwing.
Daarvoor moet er leven zijn.

Vel over been, je zou je opa
een oog uitsteken voor
enkele kruimels brood
of een bodempje vette melk.
Een nijpend tekort aan voedsel
en verwondering is de norm,
en God zit zich te schamen in een vlok
gecondenseerde zure regen,
zijn half ontblote kont rillend
in de laatste sporadische sporen
van de bovist die alles
voor deze hemisfeer eindigde.

Overlevingsdrang en sterfwens,
geen tijd voor vragen
wat als terug in de tijd
met een machine, een zwart gat of een scheur,
slechts één kogel
en zoveel leed bespaard
en levens gespaard;
irrelevant als het verleden nu is,
net als de toekomst.

Geen engel met vlammend zwaard,
de droes kwam met vlammenhaar,
en zijn zwartgelokte rivaal even gevaarlijk - 
wat is dat toch met monsters en
een permanente bad-hair day.
 Niemand die hen kon schorsen,
of zelfs maar even in de hoek zetten.
Een online speelplaats werd al te tastbaar
als slagveld. Maar geen soldaatjes,
plastieken zwaardjes,
eerder twee knoppen
en beschaving naar de knoppen.

Nu heerst de wet van de sterkste, de slimste, de snelste,
geen held meer op het veld,
hyena's zwaaien de scepter,
breken botten, trekken messen,
planten hun vlag in koekoeksnesten.
Opwaartse mobiliteit voor wie handelt in mensenvlees,
vier muren en een warm bed voor wie zichzelf mutileert.

Stront doet deze terminaal zieke wereld
nog een poosje verder draaien,
het is het bloed dat door haar
versleten aders kruipt,
een hart dat hortend klopt
met de onregelmaat en
op het aritme van onze stoelgang.
PRO-PROT___PRO-PROT_________PRO-PROT_____PRO-PROT

Elke dag veldwerk, op de hoede en de loer,
we verzamelen ons een half huis bij elkaar,
een kwart garderobe, een fractie geborgenheid.
Hellende huizenrijen, een stad vol parallellogrammen:
home, you're drunk.
Harde lessen in een warme herfst,
bladeren dwarrelen in ons hoofd,
de oude wereld sterft af aan ons,
hoe het vroeger was een oppervlak
van dode najaarskleuren op het water.
Herinneringen zeldzaam
als vallende sterren.

Dit is de dictatuur
van het permanente nu.
De terminaal zieke wereld
blijft nog wel een poosje draaien,
tot ze daarmee ophoudt
en wij, volleerd in het vallen,
vallen.

donderdag 5 oktober 2017

Ballonnenvrees 4 oktober 2017

Gisterenavond was weer zo'n oerdegelijke, gezellige, hilarische editie van Ballonnenvrees. Eentje voor bij de 'classics', zoveel is duidelijk. De uitgelaten en ongedwongen sfeer, hoge kwaliteit en grote opkomst maken me een meer dan tevreden organisator. Al 4,5 jaar biedt 't Werkhuys Ballonnenvrees onderdak, en ook deze avond kan alleen als meer dan geslaagd worden bestempeld. Kiels slam poet Olivia-Fay Stuyven beet de spits af met sociaal geëngageerde teksten over politici, racisme, het verplicht dragen van kleedjes (deze in het Engels), en haar 'klassieker', een superstrakke tekst over de diversiteit van het Kiel, haar hometown. Lieselot Ooms gebruikt niet graag moeilijk woorden, zoals 'erwt', en vindt dat poëzie vaak tot een wenkbrauwendans leidt in het publiek. Haar hilarische performance kwam wat random over, maar dat maakte het heel spontaan, met haar grofgebekte en volstrekt politiek incorrecte teksten over Tinder, espadrils en erotische huwelijksaanzoeken.
Hans Depelchin is zowat het boegbeeld voor het nieuwe seizoen van txt-on-stagewedstrijd Naft Voor Woord en verzorgt de vox bij het experimentele project Boonyi. Zijn twee kortverhalen waren bijzonder knap geschreven, met oog voor details en beelden. Rotterdamse podiumheld Joz Knoop is de uitvinder van de dichtvorm het jozzonet, waar hij er ook enkele van bracht. Hij schreef ook gedichten gebaseerd op 'Blackstar' van David Bowie en het oeuvre van de Canadese band Bloemfontein. Op zijn eigen tekst 'Ik Ben een Sterke Zender' schreef hij een antwoord: 'De Luisteraar'. Weer een andere tekst ging over een alomtegenwoordige wolk. Sterke performance van een rasdichter.
Dit moet ongeveer de meest polyglotte editie van Ballonnenvrees zijn geweest, zo bewees onder meer Gents slamster Laure-Anne Vermaercke na de eerste pauze, met een Italiaanse tekst over de film La Grande Bellezza. Ook zette ze een ijzersterke performance neer van een tekst waarin ze oproept: Let it happen! Dichteres/organisatrice Miksi rochelde haar scherpzinnige en hilarische beat-achtige teksten in het publiek en liet ons allemaal verstomd achter. Halverwege haar show haalde ze er Wilma Dragonetti bij en vuurden ze een tekst over Theo Francken en illegalen op ons af, in zoveel verschillende talen dat je op den duur de tel kwijt bent. Erg uitbundig en experimenteel allemaal. Miksi sloot af met gedichten over Parijs en Marseille.
Jitse Verschueren had zijn gitaar bij en wilde er een jingle op spelen, maar de gitaar stond zo vals dat hij die snel achterwege liet. De catchy jingle (en zijn hele act) had voornamelijk een niet zo alledaagse fellattio als thema, met in de hoofdrol de Orkachtige Bert, een parel in Gods ogen zowaar. Al vergat Jitse op het laatste een belangrijk stuk van zijn tekst, wij rolden al lang over de grond van het lachen. Die trent werd doorgezet bij de stand-up comedy van Sergej Lopouchanski, die ultrazelfbewust het podium besteef en in de eerste minuten alles beschreef wat er gebeurde en wat hij deed. Zijn science fiction story over Kut de Tibetaanse mijnslaaf liet hij al gauw vallen om een foto met zijn smartphone te maken van het publiek, dat moest doen alsof het strijk ging omwille van zijn grappen en zich amuseerde. Naar het einde van de set toe ging het eigenlijk vooral nog over gestoorde vrouwen. Meer lachen gieren brullen met zijn comedy collega Alyssa Gonzalez, die lachte met haar smetvrees op de toneelschool, dierenonvriendelijke verse muntthee, rail catering op Nederlandse treinen en agressieve spechten.
Ook de open mic was niet minder dan legendarisch. Het werd steeds later (en misschien ook meer aangeschoten), maar de poëzie werd er allesbehalve slechter op, al moesten zowel de dichters als het publiek opboksen tegen het erg storende geroezemoes van een groepje mensen op de achtergrond. Ook was antikapitalisme en communisme een rode (pun intended) draad doorheen de open mic. Bart Daems bracht teksten over een ex en over 1 september in de stijl van de beats. Nils Geylen had het over Poetin en Das Kapital, in een hoogst originele tekst over het communisme en Maarten Inghels poëzieroute van het stadspark naar de hel.
O'tentic Tim kwam helemaal uit Rotterdam om, helemaal gekleed in het blauw, inclusief fez, enkele van zijn meest hilarische gedichten op ons af te vuren: van hele slechte tips over (weeral) het communisme tot zijn heeeeele traaaaage slaaaaakkengaaaanggedicht, het spelplezier droop ervan af en wij kwamen niet meer bij van het lachen. Marianders (u weet wel, Marjan De Ridder) knutselde van enkele sleutelwoorden een gedicht in elkaar, hekelde het kapitalisme en toonde dat je ook al hinkend een gedicht kunt brengen. We kregen nog eens Wilma Dragonetti, deze keer met grappige klachten over het Nederlands. Oervrezer Gust Peeters kon het niet laten om de kakelende dames en heren achterin 't Werkhuys op een puntgedicht te trakteren. Ook zijn gedicht 'Bunny Room', over een kamer in Den Haag, is uiteraard onweerstaanbaar.
25 oktober en 1 november zijn de twee volgende edities van Ballonnenvrees, allebei in De Kleine Hedonist. Kom langs want als we niet oppassen, worden ook deze avonden onvergetelijk!

Foto's: Gust Peeters

dinsdag 3 oktober 2017

Boedapest, Boedapest, Boedapest (NSFW)

Een niet zo propere versie van mijn gedicht 'Boedapest, Boedapest, Boedapest' van enkele jaren geleden. Beide gedichten zijn kort na elkaar geschreven, elk op een van mijn vele uitstapjes naar deze bijzonder inspirerende stad.


Boedapest watertandt goulash uit ieders hart,
snatert en tatert tot de waakvlam weer vervalt.
De boog van Gozsdu Udvar is de poort tot de hel,
in menig bar stroomt de drank als bij een waterval.
De zeden worden lichter wanneer
de alcohol begint te wegen.
En we mixen en we mengen
en we kunnen er niet tegen.
Schud mij als een beker
en leeg mij uit de fles.
Giet de zwoele nacht in cocktails
en geef mij er twee voor de prijs van één
en zonder dralen. De goesting kruipt al
op mijn schoot en ik moet nog betalen.
Wees een jammerklacht in de nacht en
een vrouw die op mij wacht.
Schiet pijlen, nee doorzeef mij
met bekoring en een lach.
En de beats als bongo's
en de drank als dirigent.
Spuug ons uit in smalle straatjes
tussen burcht en parlement.

Boedapest verstikt mij als een jungle, zo intens.
Als de vrouwen van Andrassy,
de orkaan in iedere mens.
Dronkaards, junkies, hoeren,
hier leeft meer dan in brochures.
Dit is het kloppend hart van Hongarije,
in galop maar zonder sturen.
Leven tot je opbrandt
in de dampkring van de morgen,
versmacht door het keurslijf
van de dagelijkse zorgen.
Snuif de nacht op als een poeder
zwartgeblakerd als je ziel.
Jongleer met slipjes, rokjes, panty's,
verover en verniel.
Slik en inhaleer de nacht
en wapen je tegen de dageraad.
De avond is jong, zoals de vrouw op je schoot.
Je ogen kropen onder haar rokje,
nestelden zich in haar slipje,
om daar de lusten te beheren.
Hedonistisch parasiteren
op Boedapest, broeihaard
voor al wat shaket en swingt,
op de ritmes van de dageraad
waar onze kater overwint.

zondag 1 oktober 2017

Ballonnenvrees Mechelen 29 september 2017

Een kleine vier maanden geleden was het dat we nog ballonnen hadden gevreesd. De opener van het nieuwe seizoen vond plaats in de bibliotheek van Mechelen, onze tweede editie daar. Die werd gestart door Antwerps dichteres Eli Elise Hoopman, die hard aan het werk is aan een roman en daar al een zeer geestige passage uit wilde delen met ons, over vier Nederlandse vrienden die het WK in Brazilië bezoeken.
Amsterdammer Simon Mulder is een groot liefhebber van literatuur uit de jaren 1880. Hij kleedt zich er ook naar. Hij houdt ook ontzettend veel van België en met name ons bier. Hij smeert zijn keel er ook naar. Uit het experimentele tijdschrift Avant-Gaerde las hij een manifest, enkele sonnet (waaronder over Osdorp, in sterk contrast met zijn ode aan Brussel, waar hij wél graag komt). Zijn afsluiter, 'Een Korte Geschiedenis van de Hermetica', was niet minder dan bezwerend. Deze profeet van de Nieuwe Wereldorde liet het Mechelse publiek overweldigd achter. Terug met de beide voeten op de grond met de nieuwe tekst van Anke Verschueren, die tweedes werd in de txt-on-stagewedstrijd Naft Voor Woord en vanavond haar relaas deed over hoe zij geen treinkaartje had gekocht en hoe zij zich uit deze netelige situatie wist te redden. Erg herkenbaar en komisch!
Na de pauze was het aan Didi de Paris, godfather of punk poetry, aka Dichtertje. Onlangs bracht hij zijn Journaal van de Weemoed uit, en hieruit performde hij enkele teksten. Zo had hij het over achtergelaten festivalterreinen als spookstad. Bij zijn afsluiter '40 Jaar Punk: Dat Volstaat!' schreeuwde hij flarden refreinen van bekende punknummers door de microfoon. Zo dreunden The Kids, Sham 69, The Clash en Ramones door de boxen van de bib. Over hoe een nostalgietrip allesbehalve punk is, Leuven versus Punk, en het zopas opgericht PAP: Punks Against Punk. Nadat Didi ons uit onze roes van wijn en/of Maneblussers had gebruld, kon Runa Svetlikova daar nog handig enkele gouden tips in dichtvorm bij gooien. Over dolen, over systeemfouten, en het strikt NSFW en KNT 'Fuck de Tienvingeroefening', allemaal uit haar voor in januari geplande tweede bundel Om de Hond en Je Demonen Aan de Lijn Te Houden, opvolger voor Deze Zachte Witte Kamer.
Na de spreekwoordelijke moshpit van Didi en het verontrustende advies van Runa kon alleen nog compleet absurdisme op ons podium aarden. Die kregen we in de vorm van gloednieuwe teksten van de stadsdichter van Heerlen, de indrukwekkende Merlijn Huntjens. We kregen enkele stadsgedichten als primeur, doorspekt met droge dan wel absurde humor. Zo was er zijn oproep om in Park Urbana al het fruit te plukken, zijn relaas van een nacht onder stadsdichters in Lelystad, zijn knipoog naar de okapi, en zijn gedicht over een website over bankstellen zonder poten. Net als de andere gasten van vanavond een zeer intrigerende passage op Ballonnenvrees, waarvoor dank!

 Foto's: Gust Peeters

Er komen nog heel wat edities aan. Alle geplande avonden vindt u in een handig overzichtje hieronder. Enkel 1 november en 1 mei zijn zonder open mic. Heel graag tot dan!

4 oktober: 't Werkhuys, Borgerhout
25 oktober: De Kleine Hedonist, Antwerpen
1 november: De Kleine Hedonist, Antwerpen (50e editie!)
8 december: Café Boekowski, Antwerpen
12 januari: Café Boekowski, Antwerpen
23 februari: Bibliotheek Mechelen
28 maart: 't Werkhuys, Antwerpen
1 mei: Feest van den Boom, 't Werkhuys, Antwerpen

 Affiche: Femke Antoni

donderdag 21 september 2017

Literaire tip: Léon l'Africain

Identiteit en nationaliteit, het zijn twee begrippen die maar al te vaak met elkaar zijn verstrengeld, maar al te vaak komen er problemen van wanneer ze met elkaar worden verward. In zijn historische roman Léon l'Africain (1986) zet de Libanese schrijver Amin Maalouf het thema centraal. Het is zelfs de rode draad in zijn oeuvre. Maalouf vertelt het hoogst intrigerende levensverhaal van de 16e-eeuwse diplomaat Johannes Leo Africanus, ofwel Hassan el-Wazzan, wereldburger avant la lettre.


Hassan el-Wazzan krijgt al op jonge leeftijd heel wat van de wereld te zien. Hij wordt geboren in Granada maar moet als kind samen met zijn ouders naar Marokko verhuizen, op de vlucht voor de inquisitie. Zijn oom neemt hem mee op verscheidene diplomatieke reizen. Op zijn terugweg van een bedevaart naar Mekka wordt hij door Siciliaanse zeerovers ontvoerd en belandt hij in Rome, waar hij de slaaf wordt van Paus Leo X. Hij schrijft er uiteindelijk zijn belangrijke werk Description de l'Afrique, die vier eeuwen lang de belangrijkste bron van informatie over het Afrikaanse continent zal blijven. De roman is opgedeeld in vier delen: Granada (onschuld), Fez (angst), Caïro (passie), Rome (wijsheid) - de vier grote etappes van zijn leven.

Centraal in de roman staat de multi-culturele en dus hybride identiteit, een thema dat nog steeds erg actueel is. Het leven van el-Wazzan is de perfecte illustratie van de overtuiging dat elke mens het recht heeft uit verschillende culturen te bestaan, om niet aan één natie vast te hangen, om een eeuwige minderheid te zijn. Alles aan deze man was multi-cultureel, en zijn levensverhaal toont hoe bepalend nationaliteit en cultuur voor iemand kunnen zijn, zeker in periodes van oorlog of sociale onrust, en hoe frustrerend het opgelegde hokjesdenken moet zijn voor iemand die het liefst alle grenzen zou wegvegen. Zie ook Michael Ondaatjes aangrijpende roman The English Patient, die treffend met dezelfde thematiek speelt.

Nog steeds is het krampachtig vasthangen aan afkomst onlosmakelijk verbonden met nationalisme, en uiteindelijk ook met xenofobie, racisme, genocide, oorlog. Een mens is meer dan zijn afkomst, die door niets anders dan toeval wordt bepaald. Niet de mens zijn afkomst maar zijn identiteit is zijn essentie. En iemand die tot verschillende culturen behoort, kan even 'authentiek' zijn als iemand die beweert van maar één cultuur deel uit te maken, en heeft geen gespleten identiteit, of meerdere identiteiten, maar een eclectische identiteit, één die zich niet door één enkele afkomst laat bepalen.

Andere thema's zijn voortdurende ballingschap als gevolg van culturele en religieuze onderdrukking en vervolging. Hassan el-Wazzan is ooggetuige van zowel de katholieke inname van Al-Andalus, de Osmaanse verovering van Egypte als de Sacco di Roma. Drie uiterst gewelddadige historische gebeurtenissen die leiden tot vervolging van wie niet in het kraam van de veroveraar past, en waarvoor hij steeds opnieuw moet vluchten en zijn levensroute herberekenen.

In deze gewelddadige periode toont Leo zich een rasechte kameleon. Voortdurend moet hij een andere identiteit aannemen om zich uit gevaarlijke situaties te redden, zijn kwaliteiten als diplomaat en polyglot komen hem daarbij natuurlijk handig van pas. Bijna letterlijk stapt hij telkens opnieuw in een andere huid, een andere naam, een andere taal, een andere religie, een andere garderobe, een ander gezin, een ander leven.

Amin Maalouf moest zelf tijdens de burgeroorlog zijn geboorteland ontvluchten en woont sindsdien in Frankrijk. Hij won in 1993 de Prix Goncourt voor Le rocher de Tanios en was de eerste Libanees die in de Académie française werd aangenomen. Léon l'Africain is een reis op zich, een prachtige biografie over een man bij wie het reizen in het bloed zat, en die reeds een half millenium geleden trachtte vastgeroeste ideeën te overstijgen. Het is een boek vol wijsheden en goede raad voor het leven, vol historische kennis en levensechte personages, een boek over liefde en vriendschap in woelige tijden en een wereld die voortdurend verandert, een boek dat zich afspeelt tijdens de Renaissance maar even goed over onze tijd kan gaan, een vakkundig geschreven roman die u toch maar eens moet aanschaffen.

dinsdag 19 september 2017

Viseer Zwarte Piet, Niet Canary Pete

Je hoort het tegenwoordig niet te zeggen, als 'linkse rakker', maar... Ja, ik flirt wel eens met Vander Taelen of Vermeersch of zelfs Boudry, al is het allemaal nogal oppervlakkig en wellicht niet wederzijds. Maar de intellectuele verzuiling dreigt me te verstikken. Tot laatstgenoemde weer eens iets schrijft dat helemaal van de pot gerukt is, en dan schrik ik weer wakker. Tenslotte praat deze generatiegenoot van me de coalitiepartijen iets te vaak naar de mond, een zegen voor Vlaams rechts, want hij is veel eloquenter dan de meeste rechtse politici (het is pijnlijk grappig, haast aandoenlijk, telkens opnieuw te merken hoe 'onhandig' Francken en Bracke met hun Twitteraccount omspringen, al kan je daar anno nu president mee worden). Toch slaat Boudry de bal bijna even vaak mis, doch niet systematisch. Zoiets toegeven, is vandaag al behoorlijk buiten de lijntjes van het linkse vakje kleuren.

Maar laat ik vooral zelf bij mijn eigen les blijven. Nee dus tegen dat verplichte hokjesdenken. En zowel het vertrek van Sanctorum bij Groen als dat van Vuye en Wouters bij de N-VA tonen hoe versplinterd links en rechts zijn geworden. En dat is interessant. Dat betekent dat het een en ander is aan het verschuiven. Maar niet noodzakelijk in positieve zin. De evolutie is zowel een verademing als een vloek.

Rechts lijkt in menig debat het concept inlevingsvermogen zélf tot vijand te hebben uitgeroepen. Stoer met de spierballen rollen wanneer het om bij uitstek humane kwesties gaat, daar scoor je de dag van vandaag mee. Zinzen vroeg zich onlangs meer dan terecht luidop af waar het mededogen is.

Links lijkt tegenwoordig dan weer hoofdzakelijk gegijzeld te worden door wie het hardst roept, en de laatste jaren is dat bijna uitsluitend het militante blok, de intellectuele armoede van een Jahjah, de stoere dreigementen van een Aziz, de vruchteloze kruistochten van Movement X in het algemeen. Ze worden steeds meer mainstream, en dat is niet verwonderlijk in een samenleving die zienderogen verzuurt en verhardt. Begrijp me niet verkeerd. Het begrip is er wel degelijk. Maar schouderklopjes moet men van mij niet meer verwachten.

Dialoog moet er zijn, en daar zijn zwarte panters niet meer toe in staat, zo leert ons de Amerikaanse geschiedenis. Meer Kings, minder Malcolms graag. Maar sommige blanke pitten zitten dan weer zo diep verankerd in hun bolster van eurocentrisch denken dat zelfs de beleefde verzoekjes van de gematigde Hermans haar een irma aan racistische bagger opleveren. Haar inbox zou als rampgebied moeten worden erkend. De verharding van het politiek correcte activisme is dus begrijpelijk, maar allerminst wenselijk, en op termijn een inherente bedreiging voor links zelf. En laat dat me nu niet toevallig zorgen baren.

Natuurlijk moeten die standbeelden van Leopold II naar musea worden verplaatst; daar hadden ze al lang moeten staan. Natuurlijk moet Zwarte Piet sterk gemoderniseerd worden. Maar uiteraard is Canary Pete geen racist omwille van een satirische cartoon. Uiteraard moet Böhmermann de gevangenis niet in voor een smakeloos gedicht. Wanneer slechte smaak strafbaar wordt, is het einde zoek. In je terechte kruistocht tegen door de overheid gedoogde koloniale sporen in onze samenleving schuilt het gevaar dat je, doelbewust of onbewust, de grenzen van het aanvaardbare blijft aftasten en uiteindelijk ook aantasten. Als je luid genoeg schreeuwt dat er koppen moeten rollen omwille van een cartoon zal er uiteindelijk wel een gek naar een AK-47 grijpen en een redactie binnenstormen.

Al jaren staan twee legers lijnrecht tegenover elkaar, en wie ideeën van het andere kamp opvangt, is per definitie verdacht, een xeno- dan wel oikofoob. Twee legers tot aan hun oren in de loopgraven van hun grote gelijk. En elk debat is een nieuwe veldslag waarin het rechtse kamp niet in eigen boezem wil kijken en geen millimeter toegeeft, en het linkse kamp tot op het bot wil gaan, alles of niets. Elke nuance is verraad, elke misstap betekent de kogel. Het is allemaal wat kort door de bocht maar dat is exact hoe deze loopgraafsituatie is ontstaan. Een witte vlag in beide kampen kan soelaas bieden. Maar dan moeten we eerst onze oorlogszuchtige generaals tot kalmte aanmanen. Daar had Céline ook het een en ander over te zeggen. Met een totale oorlog bereik je niets, maar bij vrede hebben generaals geen baat. Een militante levensstijl, of zij leven niet. Maar wij moeten wel overleven.

Dus ridiculiseer, parodieer, grap en grol erop los, want het is zo verdomd nodig, maar gom ook het koloniale kader weg waar wij nog steeds in leven, die doorn in het oog van velen. Want zolang dat overeind blijft, zal vrijheid van meningsuiting nooit vanzelfsprekend zijn. Zomaar alles kunnen zeggen 'kan' pas echt in een samenleving die dat koloniaal verleden op alle vlakken achter zich heeft gelaten. Als we lang genoeg in de spiegel kijken, moet dat vast en zeker lukken.
 

maandag 11 september 2017

Nachtprater #3

"Op zoek naar rust danst de Nachtprater op het slappe koord tussen het geschreven en het gesproken woord, gooit de deur van het schrijverskabinet achter zich dicht, en kiest, met vallen en opstaan, voor een bestaan on the road. Live on stage." - Didi de Paris

Die nacht, die vermaledijde nacht, reden we door de Rotterdamse straten in een oude houten kar, getrokken door twee gigantische zwarte ossen. Valerius gaf de dieren genadeloos de zweep en hoewel ze bleven slenteren, schoot het nachtleven voorbij, tegen een luid schreeuwende zwarte hemel die zichzelf voortdurend leek uit te braken.
We passeerden De Witte Aap en de Wunderbar en dure woorden als 'cult' en 'art' hingen als hooghartige bakens van beschaving te flikkeren in de lucht. Truman wees met zijn zweep naar De Schouw, waar een dichter wild gesticulerend een tekst stond te declameren voor een weinig oplettend publiek. "Larie en apekool, je reinste flauwekul, Patrick. Jij kunt veel groter worden met je poëzie. Besef je dat? Maar er zullen altijd mensen zijn die je willen tegenhouden. Kapers op de kust van je literaire ambitie. Bewapen je."
 

woensdag 6 september 2017

Nachtprater #2

"Het boek leest als een film noir." - John Brains

"Misschien geen grote literatuur - dat zal Vanlerberghe zelf ook niet beweren - maar hij durft wel experimenteren met taal en vorm." - Suiker

Plannen op lange termijn vind ik irrelevant. Je hebt geen verre toekomst als kanker in je familie woont als een met zijn hotelkamer vergroeide resident, die het zich jaren geleden gemakkelijk heeft gemaakt en in de verste verte niet van plan is om uit te checken. Een ongenode gast die ons af en toe op een zondags familiebezoekje trakteert. In vol habijt. En de angst voor zijn komst gaat nooit weg. De symptomen duiken overal in mijn lichaam op. De hypochondrische waanzin waait over de dorre toendra die mijn kennis over de wetenschap is. Een hysterische superstorm zonder weerga. En hoewel dokters een aardig centje verdienen aan mijn paniekerige bezoekjes aan hun praktijk, ben ik enkel nog welkom omdat ze in principe en bij wet geen patiënten mogen weigeren.

dinsdag 5 september 2017

Capriolen

We gaan niet naar de stad,
wij zien het groter dan dat,
maken van deze plek een hart
om weer deel van uit te maken.
En dan weer weg.

Elke glimlach op verpakking,
en de tronies in het zand,
en jij dan steeds bij me,
bij verval, bij angst, bij strijd.
Brede grijns,
helemaal terug in de tijd,
mijn hele leven lang,
zonder celgenoot.
Wat als we wegkijken?

Het alziende oog liegt nooit,
laat je minnaar niet gaan.
Streel je dijen, geef je ogen de kost,
ik ben de enige, ik ben de eenzame.
Beheers me en troost me,
ik geef liefde en respect.
Wij twee in bed,
eerst ik, dan jij erbij,
van tijd bevrijd.

Tijdloos als een gebroken horloge,
je komt naar mij
om me te weerstaan.
Zoek me, verzet je,
alles komt goed.
De mooiste boot
die je ooit.
Wie van ons aast op wie?
Vind me, verzet je niet,
alles komt goed.

Niemand die zoekt,
die het wat kan schelen.
Verspilde liefde regent
uit een treurige wolk.
Je nam mijn hart en mijn ziel,
liet een woestenij achter.
Het doet geen pijn, dus juichen we maar.
Maar ik ben getrouwd met je elegantie.
Geef me een gitaar
en ik bezing je net als vroeger.

Als dingen tot leven komen,
zweer ik geweld af.
Persoonlijkheid als littekenweefsel,
subtiel als een leeuwenkooi.
Voel de warmte van mijn oprechtheid,
laat ons hand in hand
nieuwe vrienden maken.
Doe iets met je tijd, geef betekenis.

Er zijn er die god vinden
voor ze sterven,
maar de sterren
zullen we omleiden
door de ruimtes
tussen je ogen.
Zolang onze lichamen
maar overblijven.
Dus blijf nog even,
we moeten nog vrijen.

Het is te laat om vast
te zitten in onszelf.
Je houdt van een ander,
was het maar anders,
kon ik ook maar veranderen.
We maken tijd en gaan op zoek.
Acclimatiseer, wandel
samen aan het meer.
Het is te laat.

Is dit ons lot,
geen tijdsbesef
van in het begin.
Ze zullen je aanstaren
met kille harten.
Toch zetten we voort,
stellen hartzeer uit.
Bloed op het strand.

Een boot. Hij trekt je aandacht.
Trage slapende wanhoop.
Je oefent interactie,
houdt hem stevig vast.
Kon dit maar voor altijd.
Maar hij is er niet meer.
Hij zou bezwijken aan
wat je niet zag.
Hij ziet te graag
wie je nooit was.
De zeepbel staat op springen.
Je kan niet weg.

Vrij vertaald uit de lyrics van Antics, het tweede studioalbum van Interpol, uit 2004.