vrijdag 21 juli 2017

Venturi

Gentse Feesten. Halfzes. In het prille ochtendgloren van de Nationale Feestdag grijp ik net naast de eerste trein. De Overpoort spuwt een verse lading feestgangers de vertrekhal binnen. Een uit de kluiten gewassen wachtkamer voor een roes die tientallen kilometers verder zal worden uitgeslapen. Maar eerst allemaal dat zelfde deurtje door. Agenten spreiden verdachte ledematen uit over de wand van hun combi. Het zullen niet de eerste drugs of wapens zijn die ze deze ochtend in beslag nemen.

Mijn wachtkamer naar keuze is kleiner van formaat, een café naast de sporen. Het is een laatste toevluchtsoord voor wezens die het daglicht nog niet verdragen. De voorraad sterke drank is als bij wonder nog niet uitgeput geraakt. Er is nog troost genoeg voor de troostelozen, in deze tempel van flesgroene hoop.

De stamgasten lijken wel uit een Ensor ontsnapt. De conversaties die je hier hoort, zijn haast niet te geloven. Kelen klussen bij als afvoerpijpen. Ook neusgaten werken met zuigeffect. Hier worden zuigkrachten gebundeld tot een wildgroei van overschot. Dit lijkt net niet echt. Er is zelfs een dwerg.

Instinctief speurt mijn oververmoeide geest de vergeelde afgebladderde muren af, op zoek naar clous voor een mystiek spel dat niemand snapt. Een jonge vrouw werpt een muntstuk in de jukebox. Ze kiest Moby met 'Go', en ik besef dat dit met voorsprong de meest Lynchiaanse kroeg van Gent moet zijn.

woensdag 19 juli 2017

Busdichters 2017

Op 4 augustus rijdt de Poëziebus voor de derde keer uit. We starten in Rotterdam en doen vervolgens respectievelijk Leiden, Zwolle, Leeuwarden, Breda, Brussel, Sint-Niklaas, Herentals, Sint-Truiden en eindhalte Antwerpen aan. Achter het stuur van deze knalrode oldtimer is er Bassie, de held van de snelweg. Yours truly zal tien dagen lang de host uithangen. Maar welke dichters rijden er nu eigenlijk mee? Tijd om er enkele voor te stellen. Aangezien het er 24 in totaal zijn, maakte ik een willekeurige selectie van tien filmpjes die u zullen doen watertanden bij het vooruitzicht op de watervallen aan woorden waar u, als u een béétje nomadische genen hebt, tien dagen lang zult kunnen aanschouwen. En voor wie er niet kan bij zijn, er is literaire neerslag en wel in de vorm van een bundel, prachtig vormgegeven door niemand minder dan Evelien Van Breemen.

Wat? De Poëziebus, een poëtische tournee doorheen de Lage Landen
Wanneer? 4-13 augustus 2017
Wie? Irene Siekman en haar crew + 24 waanzinnig goede dichters
Waar? Van Rotterdam naar Antwerpen
Meer info? Zeker. Hier bijvoorbeeld!
Vriend worden? Dat kan!
Tot op de bus!

dinsdag 27 juni 2017

Het waren mooie dagen


Daarnet schudde ik eens goed met mijn Moleskine boekje en deze apocriefe gedichten vielen er alsnog uit. Ze werden geschreven tussen maart en juni 2017, in Antwerpen, maar ook in Sicilië en Frankrijk.

Caffè Roma

De Italiaanse koffiehuisjes,
identiek authentiek,
goedkope cappuccino
van de hoogste kwaliteit.
De barman de vriendelijkheid zelve,
elke dag is het dag van de klant.
Een portie espresso die zelfs
een vingerhoed niet zou vullen,
bijna even veel zucchero,
vlak voor kantoor of
op elk ander uur van de dag.
 Dingen combineren waarin
Italianen excelleren.

Op de radio speelt een vergeten
lied uit de jaren negentig.
Het nummer zit aan het laatste refrein
wanneer ik raad dat ik naar
de Spin Doctors heb zitten luisteren.

Ontbijten als een prins behoeft
geen worstjes of omeletten,
noch bonen in tomatensaus.
Een cornetto, een espresso,
een gesprek en een handvol gebaren
volstaan. De Italiaanse zon doet de rest.

Een barokke levensstijl ontspringt
uit eenvoud. Less is more
en hoe in de laars een sleur
kan wedijveren met aberrante
avonturen elders.
Romantiek zit in routine,
een caffè in de ochtend,
een piazza in Palermo.

#YOLO

De meeste mensen weten zeker dat ze leven. 
Zolang je niet vraagt hoe, dat is hen om het even.
Ben jij de maatstaf waaraan iedereen zich meet,
geraak je snel verveeld, zijn ordinaire mensen voor je vreemden?

Gevangen in een plus ultra net voorbij mijn horizon,
je bent zo gulzig, ongeduldig.
In je streven naar meer leven
vergeet je haast te leven.
YOLO, maar vergis je niet,
de nadrukt ligt op 'live'.
De angst dat je een seconde verspilt,
die grijpt je naar je keel.
Ironisch hoe die schrik verlamt,
want je wil meer en meer.
Je arendsoog schuimt de verte af,
het nu zit in een blinde vlek,
de olifant, de plant die je vergeet water te geven.


Halcyon

Het is een paar uur rijden
van Brussel naar Parijs.
Dat betekent heel lang zwijgen,
zelfs voor jou.
Magnolia's in bloei
en buizerds in gebed.
Denk dat ik alle
rode wagens heb geteld.

Onderweg zijn,
dat is noodzakelijk lijden,
praten is al lang geen optie meer.
Nachten van voorbestemd goud
eindigen kniediep in de modder.
Geen hoogvliegers maar altijd
te dicht tegen de zon. Halcyon.
Het waren mooie dagen.

Open ik nog gauw een zakje
van vluchtige verwijten.
Bedrijven we de leegte
in Parijs.
Wie zal de tol betalen,
wie zit achter het stuur.
Denk dat ik alle
Poolse pick-ups heb geteld.

Onderweg zijn,
dat is noodzakelijk lijden,
praten is al lang geen optie meer.
Nachten van voorbestemd goud
eindigen kniediep in de modder.
Geen hoogvliegers maar altijd
te dicht tegen de zon. Halcyon.
Het waren mooie dagen.

Al die uren op de baan
en we vermoeden het bestaan
van wat wilskracht bij de ander.
Twijfel zwerft tussen tussen landen.
Zijn de wonden weer gelikt.
Ik kom eraan.

Onderweg zijn,
dat is noodzakelijk lijden,
breek het ijs, baar een begin,
en daarna meer.
Nachten van voorbestemd goud
eindigen kniediep in de modder.
Geen hoogvliegers die veilig
met de voeten op de grond. Halcyon.
Het waren mooie dagen.



Gatekeeper Dictatorship

In a house at the bottom of the sea
we revel in loneliness.
We drink coffee and stare
out of the window, pensive,
as clouds of fish drift by.
Someone somewhere is having
a whale of a time.
There's a message on the wall:
GILLROY WAS HERE
Our abode will continue to expand
until its roof caves in,
forever plagued by accelerated continental drift.
Castle walls and broken dreams.
We contemplate the myriad ways of
gatekeeper dictatorship.
The aboutness of our existence,
the gaze of millions,
our cry for help is televised,
liked, shared and ignored.
We exhale each other's simulacra,
invisible in a crowd
of stingrays, we are water,
watch how our self-awareness drowns.
Spectatorship, telemockracy,
a gallery of our poignant lack of privacy.
Chameleon fish adapting
to the colour of bills,
clown fish swimming in vicious circles,
loan sharks and seahorse seeking attention.
All eyes on us,
on our house at the bottom of the sea.

dinsdag 13 juni 2017

Nachtprater

Eind deze maand verschijnt mijn derde roman Nachtprater, de opvolger van Als een Ballon (2012) en Verdwenen (2015), bij Het Punt. Het boek is dan ook vanaf eind juni verkrijgbaar bij mij en via Uitgeverij Het Punt. Na de zomermaanden volgt er ook een officiële boekvoorstelling in de Standaard Boekhandel.

Patrick wordt geplaagd door insomnia, angstaanvallen en aanhoudende problemen in zijn familie. De emotionele muur die hij bouwt en zijn vele pogingen tot escapisme kunnen niet beletten dat hij langzaam maar zeker in wanhoop wegglijdt.

Tot hij de mysterieuze Marlies en de dominante pseudo-dichter Truman leert kennen. Na een wilde nacht in Rotterdam gebeurt het onvermijdelijke en leert Patrick een belangrijke les over zichzelf.

Nachtprater balanceert op de dunne lijn tussen waarheid en leugen, liefde en haat, en speelt met thema's als kanker, paranoia, borderline, misdaad, drugs en geweld.

De komende maanden zal ik ook op verschillende podia uit Nachtprater voordragen. Ook zullen verschillende exemplaren van de roman mee aan boord gaan van de Poëziebus.

8 juli: Spinyopaat op Drift, Breda (NL)
9 juli: Feesten in het Stadspark!, Antwerpen
13 juli: De Sprekende Ezels Deluxe, Leuven
19 juli: Gentse Feesten, Gent
!!! 16 september: boekvoorstelling Standaard Boekhandel, Antwerpen
29 september: Ballonnenvrees, Mechelen
4 oktober: Ballonnenvrees, Borgerhout


zaterdag 3 juni 2017

Ballonnenvrees 2 juni 2017

Voor de zomer in alle hevigheid losbarst, deden we nog gauw een editie van Ballonnenvrees op 2 juni. Die vond plaats in het piepkleine maar gezellige Washboard Art & Jazz Café, in het Oud Zuid, tegenover dat witte gedrocht van het Nieuwe Justitiepaleis. Op een klein podium, omringd door tot de verbeelding sprekende schilderijen van Johan Gysels opende Gert Vanlerberghe met twee nieuwe gedichten, waaronder de tekst die hij voor het studententijdschrift dwars schreef. Jong woordtalent Lieze Denckens beet de spits af met een pakkende tekst over de aanslagen in de naam van god waar we mee rond de oren worden geslagen. Een andere tekst moest aantonen hoe saai de gemiddelde zwemles is. In een expressief vertolkte tekst gebaseerd op een theaterstuk van Dimitri Leue leerde ze het publiek dansen op woordscherven.
In zijn korte gedichten gaat Simon Van Den Bergh voor een originele insteek wanneer hij de vaak vreselijke actualiteit met het dagdagelijkse leven verbindt, zoals de verkoper van de nachtwinkel die je elke dag ziet, of grapjes maken in de Albert Heijn, of ouder worden. Singer-songwriter Stijn Charpentier was in een vorig leven een rapper en kwam helemaal uit Eindhoven aanwaaien. Met zijn gitaar in de aanslag bracht hij een intiem maar krachtig onversterkt optreden. Zijn opzwepende nummers hadden de energie van zowel punkrock als reggae, één ervan was een moderne versie van Robinson Crusoë en in een andere gaf Stijn ons mee dat hij heel graag UFO's wou zien.
Na de pauze was het aan Dries Van Doorn en die heeft duidelijk lak aan rond gevoelige onderwerpen heen te kousenvoeten. In een krachtige maar ingehouden performance opende hij met een moderne versie van een tekst van Paul Van Ostaijen waarin Marc 's ochtends de dingen groet - alleen gaat het hier om de meest notoire crimineel die België heeft gekend. Tijdens een tekst over slavernij sloeg hij zichzelf in het gezicht. Tot slot ging het over een vader die zich afvroeg wie zijn dochters zou ontmaagden. Kristien Spooren wist ons te charmeren en ontroeren met prachtige gedichten over vlinders en een paniekaanval. Haar huzarenstukje was een tekst over een vrouw op en een man onder de trein, waarin ze zorgvuldig en ingenieus de passagiers in de wagons beschrijft.
Als laatste kwam Kobe Ardui, ofwel Jakobistan, zijn EP Het Is Nog Nooit Blijven Regenen voorstellen. Openen deed de singer-songwriter uit Gent met zijn nieuwste single 'Leentje', en daarna volgde de rest van de EP keurig op volgorde. Voor 'Ze Loopt' vroeg hij zijn oud-bandlid Jakob erbij, die eerder die dag nog uit Leipzig kwam aanvliegen, waar hij opera studeert. In een vrij unieke soort van reünie brachten ze nog een smakelijke cover van Wannes Van De Velde en hun klassieker 'Lied voor de Pauze', ineens de reden waarom je Jakobistan altijd vlak voor een pauze moet programmeren.
Er viel weer heel wat talent op de open mic te spotten. Nina Eijlers won onlangs Capital Slam. Haar beklijvende tekst was in het Engels, over een vrouw die zich sterk moet houden. Marjan De Ridder had al heel de avond prachtige tekeningen gemaakt van de verschillende podiumartiesten en nu was het aan haar, met haar tekst over liefdesverdriet trainen. Liesbeth Dylst maakte haar podiumdebuut en dat deed ze voortreffelijk, met een knap gedicht over het gelukzalige gevoel na het vrijen. Willem Magits ging voor het experiment. Na een verhaal op basis van een twintigtal uiteenlopende trefwoorden die hem waren opgegeven, volgde er een korte tekst in een Engels, en sloot hij af met een intense improvisatie over Wilrijk, die hij liet opnemen. Een interessant schrijfproces. Gust Peeters had weer een vertaling van Leonard Cohen klaar en Sven de Swerts vuurde de teksten 'Rasters', 'Splinters' en 'Goud' op ons af, in zijn indrukwekkende theatrale stijl.
We gaan er maar liefst vier maanden uit en pas na de zomer zijn we er terug, met kort op elkaar volgende edities in Mechelen en Borgerhout. Heel graag tot dan!

Foto's: Gust Peeters & Moomer Foto

zondag 28 mei 2017

Scherven

Ik mag niet denken aan pegging
op een lege maag,
bestudeer kaalslag en erosie
als ik voor de spiegel sta.

Trek ik die geasfalteerde sokken
nog één dag aan,
een hemd of een hoodie,
welke Gert ben ik vandaag?

Ik geef de cactus water
en de olifant in de kamer aandacht,
stroop zijn vel af,
eigen kweek duurt me te lang.

Ik verzamel moed en de scherven die ik ben,
groet mijn buur die ik niet ken.

Een slogan op de muur van
een huis getatoeëerd:

destroy fascism

Ik wil het een like geven.
Neem een foto
met m'n smartphone,
post op Facebook,
like het daar.

Lijstjes maken.
Het wordt een automautisme.
Maar mijn avatars zijn
opvallend eensgezind vandaag,
zelfs mijn Jekyll en Hyde.

Ik wil klimmen maar weet niet
of ik de top kan bereiken
als gevoelens van rechtvaardigheid
me blijven ondermijnen.
Een eruptie waar reporters van gaan lopen,
want de vloer is lava.

Vraag me niet hoe het gaat
want mijn tong ligt in de knoop
met zichzelf.

Camera grijnst in mijn gezicht,
ik voel me licht als het bestaan
en ik heb al mijn pakken aan.
Druk de vinger op de naad.

Wat was de vraag?

zaterdag 27 mei 2017

Flavours of the month

There is just no way of ignoring the comeback that rocks the Belgian music industry: the excellent third album by Millionaire, called Sciencing. Just like LCD Soundsystem, alt-J and Forest Swords they have two singles in my monthly list. The National is back as well and we have to go back to High Violet for a first single that was this powerful. Good job, Matt. Scotland's sweethearts Mogwai never fail to impress either, this time with a first new song called 'Coolverine'. Do check our local heroes too, such as Brutus, Rhinos Are People Too, The Girl Who Cried Wolf, BRNS, and from The Netherlands: HunterStreet. Do Make Say Think is still number one. Obviously.

  1. Do Make Say Think - Bound and Boundless
  2. The National - The System Only Dreams In Total Darkness
  3. Millionaire - Busy Man
  4. alt-J - In Cold Blood
  5. Grizzly Bear - Three Rings
  6. Forest Swords - Arms Out
  7. The Janitors - Trojan Ghost
  8. Mogwai - Coolverine
  9. The Comet Is Coming - Start Running
  10. Whitney - You've Got a Woman
  11. HunterStreet - ZOO
  12. Brutus - Drive
  13. Rhinos Are People Too - Ariel
  14. The Dreams Never End - Cold Dawn
  15. Millionaire - I'm Not Who You Think You Are
  16. The Girl Who Cried Wolf - Tin Men
  17. alt-J - Adeline
  18. LCD Soundsystem - Call the Police
  19. BRNS - Pious Platitudes
  20. Vilde - Maintain
  21. No Metal In This Battle - Alaska Beach
  22. Blanck Mass - Silent Treatment
  23. Cristobal and the Sea - Goat Flokk
  24. Forest Swords - Exalter
  25. LCD Soundsystem - American Dream
  26. Roger Waters - Smell the Roses
  27. Downtown Boys - A Wall
  28. Fins Ara - Veer
  29. Phoenix - Ti Amo
  30. Royal Blood - Lights Out

dinsdag 23 mei 2017

Literaire tip: 4 3 2 1

Het is alweer van Sunset Park geleden dat Paul Auster nog een roman inleverde, al balanceerden Winter Journal en Report From the Interior op hoogst intrigerende wijze op de lijn tussen fictie en non-fictie. Met 4 3 2 1 (2017) schetst hij voor de zoveelste keer het leven van een jonge man in de grote stad, de typische Austereske Bildungsroman die ook deze keer op een heel andere manier is ingevuld. Want de schrijver van The New York Trilogy is er niet vies van om af en toe met de verwachtingen van zijn lezers te rammelen.


De bijna 900 pagina's tellende klepper vertelt hoe de Wit-Russische jood Isaac Rechnikoff op de eerste dag van de twintigste eeuw de Atlantische Oceaan oversteekt en op Ellis Island door een misverstand de naam Ferguson meekrijgt. De wat simpele Isaac moet krabben om te overleven, en de drie zonen die zijn labiele vrouw Fanny hem schenkt, groeien op in bittere armoede, in een gezin dat voortdurend moet verhuizen. De jongste van de drie, Stanley Ferguson, krijgt weinig respect van zijn twee nietsnutten van broers, waar hij, ondanks hun pesterijen, naar blijft opkijken. De pragmatische Stanley, een man van weinig passies naast fortuin maken, leert de mooie Rose Adler kennen en wordt hals over kop verliefd. Hun zoontje Archie, het hoofdpersonage van de roman, leren we dus pas later kennen - Auster neemt zijn tijd.

We zien hem opgroeien en worstelen met typische problemen uit de kindertijd en de puberteit. Zijn vader ziet hij zelden, want zijn zaak 3 Brothers World Store in Newark, waar ook zijn weinig integere broers Lewis en Arnold werken, is zijn leven. Zijn moeder heeft haar eigen fotostudio Roseland Photo in Montclair, en Archie kijkt op naar hoe zij zich volledig aan haar passie wijdt. Omdat hij tegen zijn wil enig kind is, verzint hij een grote broer John. Het zal niet de eerste keer zijn dat hij de werkelijkheid te slim af wil zijn. Ferguson groeit op. We maken kennis met zijn eerste liefjes. Zijn fascinatie voor John F. Kennedy of zijn gebrek eraan. Zijn interesse en daarna ontgoocheling in militant links. Zijn passie voor baseball. Of was het basketbal? Of journalistiek? Kortverhalen? Poëzie vertalen? En welke rol speelt Amy Schneiderman in zijn leven? Hoeveel betekent zijn vader Stanley voor hem?

Auster heeft een aparte manier gevonden om de grillen van het lot in kaart te brengen. Een verhaal kan zoveel bochten nemen en een levensloop kan elke dag, elk uur, elke seconde een andere zijstraat inslaan. Zijn neef Noah Marx verduidelijkt het in een anekdote over twee wegen: neem je de hoofdweg of de binnenweg wanneer je onmogelijk kan weten welke weg je het snelst naar je belangrijke afspraak zal brengen? Ook Fergusons kortverhaal over Lazlo Flute kan als allegorie voor de hele opzet van 4 3 2 1 dienen: welke van de drie wegen moet Flute nemen, als elke keuze wel de verkeerde lijkt te zijn? Binnen de chaostheorie bepaalt het zogenaamde vlindereffect, de metafoor van Edward Lorenz, dat minuscule gebeurtenissen een gigantische impact kunnen hebben, op een mensenleven bijvoorbeeld, of zelfs op de geschiedenis van de mensheid. Als schrijver kan je daar bewust mee spelen en ervoor kiezen om verschillende versies van iemands leven uit te tekenen.

Het leven heeft zoveel te bieden voor de jonge Archie Ferguson, maar het Amerika van de jaren '50 en '60 telt heel wat valkuilen voor een jongeman van joodse afkomst die graag buiten de maatschappelijke lijntjes kleurt. De aantrekkingskracht van geld. De taboes rond kritiek op de Vietnamoorlog en rond communisme. De afgunst en bekrompenheid die over de grotemensenwereld heersen. Auster heeft verschillende thema's willen aansnijden, al zijn stokpaardjes, van het McCarthyisme tot baseball, te veel om in één verhaal, in één levensloop, één versie te gieten. Dus schreef hij er meerdere. En het resultaat is verbluffend. Een zeer knap staaltje van inlevingsvermogen en  een opbouw waar de lezer heel lang zoet mee is.

Een van de onbetwistbare hoogtepunten van de roman is het gedetailleerde relaas van de studentenopstand op Columbia University in mei 1968, een escalatie van actie en reactie, met twee kampen en fracties binnen die kampen, een ongezien protest tegen de Vietnamoorlog en het geïnstitutionaliseerde racisme, en de effecten op de jonge Ferguson en zijn relatie met Amy. Deze deels autobiografische (dat weten we nog van zijn jongste non-fictieboek) passage doet meteen denken aan Black Lives Matter en de oorlog in Irak en Syrië. Het herinnert ons eraan dat deze prangende problemen van de jaren '60 ook vandaag nog brandend actueel zijn en inspireert de lezer tot maatschappelijk engagement. Maar de verbitterde Ferguson leert ook de wijze les dat extreem activisme wel eens het omgekeerde effect kan bereiken, en dat de Zwarte Panters behalve een spiraal van geweld niets hebben verwezenlijkt en enkel hun eigen ruiten hebben ingegooid.

Thema's? Véél. Enkele van de belangrijkste zijn seksualiteit, schrijven, familiebanden, lot versus toeval, en als extraatje zijn er de eindeloze lijsten van schrijvers, regisseurs, acteurs, muzikanten, sporters... Samen met Ferguson krijgt de lezer de mogelijkheid om zich te verdiepen in geschiedenis en cultuur, want deze ambitieuze roman is een onschatbare bron van kennis over de V.S. (en Parijs en Londen) midden twintigste eeuw. Een aanrader op zoveel vlakken. U zult er allerminst spijt van hebben.

zondag 21 mei 2017

1 Love

Ik ben de partizaan die uiteindelijk voor zwarthemd werd versleten.
Spreek me niet van One Love want je tong die is gespleten.
Van je polarisatiepraktijken kan Dewinter nog wat leren,
aan de schandpaal elke dissident met een afwijkende mening.
Een béétje 'goeroe' die tot vervelens toe de liefde staat te preken,
voegt de daad bij het woord, donc j'accuse, stel je in gebreke.
Eén strijd tegen segregatie? Nee, jouw belangen liggen elders.
Geen leven zonder verdelen, dus je put woorden uit je kelder.
Onder luid applaus splits je de zee in twee, een straatje zonder einde.
Ook Mozes was geen diplomaat, jaren dwalen in woestijnen.
De kogels uit je shotgun raken enkel nog je voeten.
Lastig lopen zo, maar doe je grote gelijk van me de groeten.

donderdag 18 mei 2017

Terug naar de bron

Heb je mijn zucht ingeblikt,
ingeprent, tastbaar zoals ik nooit zal zijn? 

Label mijn nalatenschap, verberg haar in een doolhof
en laat het verder los, laat het allemaal los.

Hak dan mijn armen en benen af
en bedrijf de liefde met mijn romp

terwijl je kijkt hoe piranha's
zich te goed doen

aan tien vingers en tien tenen
en dertig jaar van schoppen en strelen.

In de fractie van een knikkend ooglid
wonen meer visioenen

dan zandkorrels in het heelal, sterren op onze stranden,
maar genoeg is genoeg.

Wanneer je mijn haar afknipt,
ben ik weer wat moleculen armer.

Schuur je de huid van mijn vlees
en het vlees van mijn botten,

dan bloos ik en besef dat
al mijn geheimen als appels voor het rapen.

Mijn brein voelt zich als
de laatste coelacant op sterk water,

een mummie met haken en ogen,
alle opgeslagen kennis ingekapseld in een wijwatervat,

aangevreten cursussen en naslagwerken
en een groeiende drang naar spirituele troost.

Ik vernauw en ik verzuil,
het enige nog werkende orgaan

is een tentakel, tast alle opties af,
vindt een ritssluiting, een spelonk.

Een ingeblikte echo. De voltrekking
van mijn afbraak lonkt.

Hier zou ik zomaar ongezien
kunnen verdwijnen.


Met dank aan Dwars, het studententijdschrift van de UA stadscampus.
Voorgeving: Stine Moons 

dinsdag 16 mei 2017

Veelvraat

Speciaal voor De Nacht van Robbe, een benefietavond in de Arenbergschouwburg om opbrengsten in de zamelen voor Hollywood aan de Schelde, de documentaire van filmmaker Robbe De Hert, richtte ik samen met Tom Tiest (The Valerie Solanas, S.M.A.L.L.) de band Veelvraat op. In Bar Lokal hadden we de eer om onze bevreemdende clash tussen proza en elektronica ten berde te brengen.

Maar eerst maakte Danny Quintelier met DQPIX deze knappe fotoshoot om het ego van dit excentrieke duo te strelen (de pels van zo'n veelvraat is trouwens best zacht om te aaien, try it). Een selectie.


Marjan De Ridder ontwierp eerder dit voorjaar al dit veelzeggende logo voor Veelvraat. Een fragment van ons doldwaze concert in de Arenberg verschijnt gauw op deze blog en op YouTube. Maar like ons alvast even op Facebook.
"Is this real or reel? Leef ik in een filmwiel? Magisch realistisch leven doe je best zonder ziel. Je staat te wachten op de tram. May the force be with you. Ik jaag op spoken achter het behang maar enkel bot dat ik vang. De fictie druipt hier van de muren. Kan mijn hoofd niet draaien of doorbreek wel ergens een wand. Film is van een mug een olifant, en die laatste staalhard negeren. Film is stilzwijgen regeren. De voyeur met de popcorn en stiekem masturberen. We gaan naar de cinema om te kleineren. Geen kans op catharsis met een puistenbek vol paprikachips, want alle personages zijn vreemden. Het zal ze leren. Wij steken de draak met the rich and the famous, weigeren daarna zelfkennis te incasseren."

donderdag 4 mei 2017

Literaire tip: Beloved

Sommige romans zijn gedrenkt in zo'n sterke sfeer dat ze je nooit meer loslaten. Vaak gaat het om romans die met een allegorische, symbolische of metaforische omweg iets over een gebeurtenis, een situatie of een periode in de geschiedenis willen zeggen die te gruwelijk is om er rechtstreeks over te schrijven. Denk maar aan de holocaust. Of slavernij.

Amerikaans schrijfster en winnaar van de Nobelprijs Toni Morrison kreeg een bittere realiteit met de paplepel naar binnen: zwart en blank zijn niet gelijk in haar land. Als kind was ze al getuige van de vernietigende gevolgen van rassenhaat, het blinde geweld, de discriminatie, de segregatie. Het zijn thema's die voortdurend in haar proza terugkomen, zo ook in haar bejubelde roman Beloved, uit 1987.

De roman is gebaseerd op het droevige verhaal van de Afrikaans-Amerikaanse slavin Margaret Garner die van slavenstaat Kentucky naar vrije staat Ohio vluchtte. Deze klassieker van de Amerikaanse literatuur toont de geschokte lezer hoe de voormalige slavin Sethe wordt achtervolgd door slavenhandelaars, die haar en haar kinderen wil gevangen nemen en terugbrengen naar de plantage Sweet Home. Hierdoor ziet Sethe zich genoodzaakt haar baby te doden, beter dat dan haar tot slavernij te veroordelen. De baby komt terug als  jonge vrouw en vestigt zich in Sethes huis in Cincinatti, om daar te spoken en haar te kwellen met schuldgevoel.

Ook Sethes minnaar Paul D. weet te ontsnappen en bereikt haar woonst. Hij probeert er orde op zaken te stellen door het spook te verdrijven, en tracht vervolgens Sethe te doen inzien dat ze niets is met dat schuldgevoel, dat ze er langzaam maar zeker door wegkwijnt. Maar het meisje Beloved komt terug en weet op Sethes gevoelens in te spelen, waardoor het uiteindelijk de bezorgde Paul D. is die wordt verdreven uit het huis. Sethe houdt zich steeds meer met de verschijning bezig en verwaarloost haar dochter Denver, die hulp voor haar wil zoeken en zweert bij de kracht van verbondenheid binnen de zwarte gemeenschap. Zal Paul D. Sethe kunnen bedaren en weer tot haar doordringen, of geraakt ze helemaal in de ban van haar verleden en het wrede meisje?

De kindermoord, en ook het voor en na, worden in een bijzondere structuur gegoten, met een interessante benadering van tijd en narratief. Hiermee wil ze het eenzijdige karakter van onze geschiedschrijving en het valselijk recupereren van het verleden voor politieke doeleinden aankaarten. De misselijkmakende misdaad resoneert doorheen heel de roman, maar de lezer geraakt zo close met Sethe en voelt zo fel mee met de vreselijke gebeurtenissen die haar hebben getekend, dat haar veroordelen niet eenvoudig is. Ook de taal in Beloved is zo uniek en bijzonder dat deze haast een benevelend effect bereikt.

Centraal in de roman staan een door slavernij compleet verminkte band tussen moeder en dochter; trauma's en schuldgevoelens die groeien als gezwellen; schizofrene identiteitscrisissen die leiden tot verwarring en geweld. De kracht van de roman zit absoluut in de vorm waarin 'het onzegbare' wordt verhaald. De indirecte manier waarop Morrison over de gruwel van de slavernij vertelt, heeft een bijzondere helende kracht.

Beloved is het eerste deel van een trilogie. Jazz en Paradise vervolledigen dit experimentele drieluik. In 1998 verscheen de filmversie, geregisseerd door Jonathan Demme en Oprah Winfrey.

'Sixty million and more.' Laat ons het in godsnaam nooit vergeten.

dinsdag 2 mei 2017

Ballonnenvrees 1 mei 2017


Naar jaarlijkse traditie organiseerde 't Werkhuys hun Feest van den Boom op 1 mei. De opkomst voor dit spektakel was weer groot, en vooral Tine Joris' 'Le Moment Suprême', in de grote zaal, trok heel wat publiek. Hierbij kwamen verschillende kunstvormen aan bod: koor, tapdans, circus, improcomedy, kortfilm, buikdans, en weet ik wat nog allemaal. Het thema was wachten en dat was exact wat het publiek verzocht werd te doen. De grote zaal van 't Werkhuys was dus één grote wachtkamer, maar gelukkig waren er heel wat artiesten om het wachten te verzachten. Ook Ballonnenvrees was van de partij, en de drie 'wachtgedichten' van Marjan De Ridder, Gert Vanlerberghe en Ulrike Burki werden op luid applaus onthaald.

Tussen de twee voorstellingen van 'Le Moment Suprême' in hield Ballonnenvrees een toonmoment in het gezellige Literaire Salon, naast de expositieruimte waar Serge Baeken live naaktmodellensessies hield. Op het programma stonden straffe poëzie-optredens van Marjan De Ridder, Ulrike Burki, Sven de Swerts en als slot ook jeugdschrijfster Hilde Van Cauteren, die ons een 'oneerlijke literaire tombola' voorschotelde. De prijzen waren een schilderspalet, een paraplu en een appel, en bij elke prijs hoorde een knap gedicht. Zeer geestig en spitsvondig allemaal!
Na de tweede voorstelling van Tine Joris en haar trouwe 'wachtartiesten' sloten we het feest af met een heerlijk live-optreden van de Antwerpse band Dynamo Zjosss! Feestelijke balkandeuntjes vulden al gauw het gezellige binnenplein. Er werd wild gedanst rond de met papieren vogeltjes en fleurige bloempotten versierde boom. Zelfs de polonaise werd niet geschuwd.
Dit alles werd mee gestuurd door de Week van de Amateurskunsten, een initiatief van Fameus. Tijdens het toonmoment van Ballonnenvrees in het Literaire Salon droeg presentator Gert de WAK-vlag als een soort van cape, en werd zo tot Wakman gekroond. 's Avonds werd, ook in het teken van de WAK, op You On Stage in de Kavka de nieuwe EP van de Gentse band Okkupeerder voorgesteld. Zo van die drukke dagen dus. Zo mogen er meer zijn!

De volgende editie van Ballonnenvrees is de laatste voor de zomerstop. Op 2 juni stelt Jakobistan zijn EP voor in het Washboard Art & Jazz Café. Er komen nog muzikanten, en ook dichters natuurlijk, en we sluiten de avond af met de traditionele open mic. Graag tot dan!

Foto's: Gust Peeters (meer foto's volgen)

maandag 17 april 2017

Week-end en Hauts-de-France

Week-end en Hauts-de-France

Wanneer de druk in eigen stad te groot wordt, bieden treinreisjes doorheen Frankrijk zich aan. Rijsel is dan de poort naar het uitgestrekte noorden van het land. Ik ben er al vaak geweest voor een daguitstap of op doorreis, en heb nu een uur om me nog eens in het vertrouwde centrum op zakformaat te wentelen. De typisch Franse (en toch ook weer Vlaamse) straatjes die wemelen van de bars en bakkerijen, de art nouveau, de opera, de dikke klokkenluider, het oorlogsmonument 'Aux Lillois', de binnenplaats van de prachtige oude beurs, de gevel van la Voix du Nord, de vele kerken, zeer aangenaam allemaal. Aan het fiere slanke belfort van de Kamer van Koophandel vragen studenten van Aken of ik in de camera iets over Europa wil zeggen.
Een trein voert me dieper het land in, langs de belforten van Dowaai, Arras en Albert, stuk voor stuk trots kunstwerkjes, door bloeiende velden en roestige getuigen van de mijnbouw (denk Germinal van Emile Zola). Mijn bestemming is Amiens, de hoofdstad van Picardië. Hier was ik bijna tien jaar geleden voor het eerst en laatst, en vooral de rijkelijk versierde kathedraal is mij altijd bijgebleven: de vele beelden, de twee geveltorens en de hoge torenspits (flèche in het Frans) van een van de mooiste gotische kathedralen ter wereld, en het grootste gotische bouwwerk van Frankrijk. Het geheel is een feest van steunbogen, torentjes, roosvensters, zuilen, waterspuwers, en dus honderden en nog eens honderden beelden van heiligen, apostelen, martelaars, dieren, monsters en andere figuren, een bijbel in 3D. De asymmetrie van de voorgevel is haast aandoenlijk en presenteert zich als een harmonisch geheel. Het interieur van dit 13e-eeuwse godshuis is zeker de moeite, vooral dan het altaar en het koor, een subliem meesterwerk van hout en bas-reliëfs, die verschillende passages uit de bijbel illustreren.
Ik beklim een smalle spiraaltrap in de zuidelijke toren, ter hoogte van het gigantische roosvenster. Monsterlijke waterspuwers kijken uit over de bruinrode stad en de vele velden en fabrieken van Picardië. Ook de massieve donjontoren met koepel van het belfort herken ik nog. Het is nog iets verder klimmen tot bovenin de 66 m hoge noordelijke toren, je wordt er wat duizelig van en gaat ervan draaien. En dan die majestueuze torenspits op het transept, die tot op 112 m hoogte de lucht doorklieft. Op het plein voor de Notre-Dame wordt er campagne gevoerd voor presidentskandidaat Emmanuel Macron. Een jong team deelt rode, witte en blauwe heliumballonnen uit aan kinderen. Wanneer ik hen om meer uitleg vraag, krijg ik te horen dat Macron de volgende president van de Franse republiek wordt, daar zijn ze van overtuigd. On verra. Van op de noordelijke toren zie ik hoe alle ballonnen tegelijk de lucht in worden gegooid. Overal blauw, wit, rood. Volgende week is het de eerste ronde van de verkiezingen en de inzet is hoog. Zal Frankrijk voor een extreem-rechtse president kiezen, de populaire xenofoob Marine Le Pen, van het Front National, of wordt er vooral centrum gestemd? Welke linkse en centrumpartijen zijn nog geloofwaardig genoeg om het gevaar Le Pen af te slaan?
Tussen het belfort en het stadhuis ligt de moderne markthal, een overdekte versmarkt zoals er zoveel in Europa zijn, maar blijkbaar niet in België? Interessant zij natuurlijk de vele kazen. On est en France, quand même! Ik eet mijn heerlijke pont-l'évêque met traditioneel Frans brood aan het stadhuis, op de trappen waarvan net een trouwfoto wordt genomen. Amiens is een visueel aantrekkelijk stadje met levendige pleinen, fonteintjes, bars met volle terrasjes... Overal zie je enorme foto's van de Eerste Wereldoorlog, en hier en daar hangen zelfs gedichten! In de rue des Sergents, onderweg naar de Eglise Saint-Leu, staat het fraaie Horloge Dewailly. De Somme stroomt bescheiden door het rustige Quartier Saint-Leu. De vele vakwerkhuisjes met geschilderde luikjes in de rue d'Engoulvent, de rue Motte en op de quai Bélu, de bruggetjes over de rivier, de witte bloesem in de bomen, de treurwilgen... het vormt een pittoresk plaatje. In de Somme draagt het standbeeld van een rechtop staande man een gele trui met de boodschap: 'Emmanuel Macron président'. In het parc Saint Pierre is het tot rust komen in een groene omgeving. Mijn wandeling langs het water eindigt bij een oude watermolen.
Na een goede nachtrust is het Pasen en verlaat ik de stad van Jules Verne in westelijke richting, stroomafwaarts langs de Somme. Het eerste wat ik zie wanneer ik het treinstation van Abbeville verlaat, is een café waar maandelijks slam- en poëzieavonden worden gehouden. Mooi zo. Overal in het centrum hangen feestelijke vlaggetjes. In de robuuste Collégiale Saint-Vulfran, eveneens gotisch, wordt vrolijk gezongen tijdens een bomvolle mis, iedereen op zijn paasbest. Ze zijn hier trots op hun vogels, zoveel is duidelijk. Er is zelfs een Festival de l'Oiseau, en in de hele stad hangen kleurrijke foto's van onze gevederde vrienden. Het 13e-eeuwse belfort is een van de oudste van Frankrijk, een nogal forse, niet al te hoge toren, in vergelijking met die van pakweg Arras of Calais. Iets verderop staat het knappe witte monument ter ere van admiraal Courbet. Op een steenworp van het centrum ligt een uitgestrekt natuurgebied met vijvers en bossen, en een rijke vogelpopulatie. Tijdens een aangename wandeling spot ik wilde eend (met ultraschattige kuikentjes), meerkoet, waterhoen, brilduiker, fuut, aalscholver, blauwe reiger, zilverreiger, torenvalk... Geen slechte vangst.
Ik neem een trein naar Boulogne-sur-Mer, aan het Kanaal, de felbegeerde oversteekplaats naar Engeland voor de vluchtelingen die in het kamp vlakbij Calais zijn gestrand, dat onlangs in vlammen is opgegaan. Ze hadden al niets, en nu zelfs dat niet meer. Enkele jaren geleden was ik al in Boulogne, ook op een zondag, geloof ik. Mijn wandeling langs het belfort en op de muren van de versterkte binnenstad herinner ik me nog alsof het gisteren was. De zee, de hoge rotsen, de grote koepel van de kathedraal, de charmante straatjes van het historische centrum... Boulogne heeft zo haar troeven. Het tuintje voor het stadhuis is zo'n weelde aan bloemen dat je er spontaan vrolijk van wordt. Het is Amerikaans weekend in Boulogne. Overal stars and stripes, cowboyhoeden, Johnny Cash door de boxen, er is zelfs een rodeo. Van bovenop de stadsmuur heb ik een goed zicht over de rest van de stad, met in de verte Napoleon Bonaparte hoog op zijn zuil, en nog verder de zee en het vermoeden van Engeland aan de horizon.

Terug naar Lille-Flandres, helaas niet via Calais (ik had graag dat prachtige belfort nog eens gezien), maar wel met andere interessante haltes in de regio Hauts-de-France (de samenvoeging van Nord-Pas de Calais en Picardië). Montreuil-sur-Mer is bekend voor wie Victor Hugo's Les Misérables heeft gelezen. Het is het stadje waar Jean Valjean Fantines dochtertje Cosette gaat zoeken. In een dorp bij Hesdin gaat een meisje de passerende trein te lijf met een waterpistool, vanuit de loopgraaf van haar achtertuin. En Béthune heeft nog een belfort om aan de lange lijst toe te voegen. Verder is de treinrit wat saai en even lang als ik me ze herinnerde. Het is dan ook avond wanneer de trein Rijsel binnenrijdt.
Ik slenter nog wat door de stad tot aan de Porte de Paris en het rode bakstenen belfort van het stadhuis, het hoogste van Europa, en via het Hôtel de la Préfecture du Nord op het place de la République terug naar de omgeving van het belfort van de Kamer van Koophandel. Ik kies een hotel aan de Eglise Saint-Maurice, die met de hoge spitse toren, zodat er altijd een pijl naar mijn bed wijst. 's Avonds zijn de schaars verlichte straatjes nog gezelliger. Aangezien maandagmorgen het weer niet al te best is, besluit ik toch maar niet naar Vaubans citadel met de kleine dierentuin te gaan. Dan maar wat uitbollen in de 'futuristische' wijk, die wat aan La Défense doet denken, met het parc Matisse, de Zénith, het winkelcentrum Eurolille en de werven van andere gedurfde projecten. Frankrijk, het was te lang geleden (bijna drie jaar!), laat ik de volgende keer niet meer zo lang wachten. A bientôt!