dinsdag 23 mei 2017

Literaire tip: 4 3 2 1

Het is alweer van Sunset Park geleden dat Paul Auster nog een roman inleverde, al balanceerden Winter Journal en Report From the Interior op hoogst intrigerende wijze op de lijn tussen fictie en non-fictie. Met 4 3 2 1 (2017) schetst hij voor de zoveelste keer het leven van een jonge man in de grote stad, de typische Austereske Bildungsroman die ook deze keer op een heel andere manier is ingevuld. Want de schrijver van The New York Trilogy is er niet vies van om af en toe met de verwachtingen van zijn lezers te rammelen.


De bijna 900 pagina's tellende klepper vertelt hoe de Wit-Russische jood Isaac Rechnikoff op de eerste dag van de twintigste eeuw de Atlantische Oceaan oversteekt en op Ellis Island door een misverstand de naam Ferguson meekrijgt. De wat simpele Isaac moet krabben om te overleven, en de drie zonen die zijn labiele vrouw Fanny hem schenkt, groeien op in bittere armoede, in een gezin dat voortdurend moet verhuizen. De jongste van de drie, Stanley Ferguson, krijgt weinig respect van zijn twee nietsnutten van broers, waar hij, ondanks hun pesterijen, naar blijft opkijken. De pragmatische Stanley, een man van weinig passies naast fortuin maken, leert de mooie Rose Adler kennen en wordt hals over kop verliefd. Hun zoontje Archie, het hoofdpersonage van de roman, leren we dus pas later kennen - Auster neemt zijn tijd.

We zien hem opgroeien en worstelen met typische problemen uit de kindertijd en de puberteit. Zijn vader ziet hij zelden, want zijn zaak 3 Brothers World Store in Newark, waar ook zijn weinig integere broers Lewis en Arnold werken, is zijn leven. Zijn moeder heeft haar eigen fotostudio Roseland Photo in Montclair, en Archie kijkt op naar hoe zij zich volledig aan haar passie wijdt. Omdat hij tegen zijn wil enig kind is, verzint hij een grote broer John. Het zal niet de eerste keer zijn dat hij de werkelijkheid te slim af wil zijn. Ferguson groeit op. We maken kennis met zijn eerste liefjes. Zijn fascinatie voor John F. Kennedy of zijn gebrek eraan. Zijn interesse en daarna ontgoocheling in militant links. Zijn passie voor baseball. Of was het basketbal? Of journalistiek? Kortverhalen? Poëzie vertalen? En welke rol speelt Amy Schneiderman in zijn leven? Hoeveel betekent zijn vader Stanley voor hem?

Auster heeft een aparte manier gevonden om de grillen van het lot in kaart te brengen. Een verhaal kan zoveel bochten nemen en een levensloop kan elke dag, elk uur, elke seconde een andere zijstraat inslaan. Zijn neef Noah Marx verduidelijkt het in een anekdote over twee wegen: neem je de hoofdweg of de binnenweg wanneer je onmogelijk kan weten welke weg je het snelst naar je belangrijke afspraak zal brengen? Ook Fergusons kortverhaal over Lazlo Flute kan als allegorie voor de hele opzet van 4 3 2 1 dienen: welke van de drie wegen moet Flute nemen, als elke keuze wel de verkeerde lijkt te zijn? Binnen de chaostheorie bepaalt het zogenaamde vlindereffect, de metafoor van Edward Lorenz, dat minuscule gebeurtenissen een gigantische impact kunnen hebben, op een mensenleven bijvoorbeeld, of zelfs op de geschiedenis van de mensheid. Als schrijver kan je daar bewust mee spelen en ervoor kiezen om verschillende versies van iemands leven uit te tekenen.

Het leven heeft zoveel te bieden voor de jonge Archie Ferguson, maar het Amerika van de jaren '50 en '60 telt heel wat valkuilen voor een jongeman van joodse afkomst die graag buiten de maatschappelijke lijntjes kleurt. De aantrekkingskracht van geld. De taboes rond kritiek op de Vietnamoorlog en rond communisme. De afgunst en bekrompenheid die over de grotemensenwereld heersen. Auster heeft verschillende thema's willen aansnijden, al zijn stokpaardjes, van het McCarthyisme tot baseball, te veel om in één verhaal, in één levensloop, één versie te gieten. Dus schreef hij er meerdere. En het resultaat is verbluffend. Een zeer knap staaltje van inlevingsvermogen en  een opbouw waar de lezer heel lang zoet mee is.

Een van de onbetwistbare hoogtepunten van de roman is het gedetailleerde relaas van de studentenopstand op Columbia University in mei 1968, een escalatie van actie en reactie, met twee kampen en fracties binnen die kampen, een ongezien protest tegen de Vietnamoorlog en het geïnstitutionaliseerde racisme, en de effecten op de jonge Ferguson en zijn relatie met Amy. Deze deels autobiografische (dat weten we nog van zijn jongste non-fictieboek) passage doet meteen denken aan Black Lives Matter en de oorlog in Irak en Syrië. Het herinnert ons eraan dat deze prangende problemen van de jaren '60 ook vandaag nog brandend actueel zijn en inspireert de lezer tot maatschappelijk engagement. Maar de verbitterde Ferguson leert ook de wijze les dat extreem activisme wel eens het omgekeerde effect kan bereiken, en dat de Zwarte Panters behalve een spiraal van geweld niets hebben verwezenlijkt en enkel hun eigen ruiten hebben ingegooid.

Thema's? Véél. Enkele van de belangrijkste zijn seksualiteit, schrijven, familiebanden, lot versus toeval, en als extraatje zijn er de eindeloze lijsten van schrijvers, regisseurs, acteurs, muzikanten, sporters... Samen met Ferguson krijgt de lezer de mogelijkheid om zich te verdiepen in geschiedenis en cultuur, want deze ambitieuze roman is een onschatbare bron van kennis over de V.S. (en Parijs en Londen) midden twintigste eeuw. Een aanrader op zoveel vlakken. U zult er allerminst spijt van hebben.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen